ik tot een bloem verwerd
groeiend aan de voet
van je stam
bloeiend onder de
imposante grootsheid van je schaduw
dan
zou ik mijn zaadjes werpen
rondom je schors
en zingend sterven
omdat
ik zo dichtbij je was.
Den Haag 1959
Ik ben het gewone publiek
dat 's avonds naar buiten stroomt
overal gelijk
verleden en heden ben ik
Ik kan ook uit glazen drinken
stilletjes zijn en
mijn god is die van vele anderen.
Ik heb de wereld als kind in mijn schoot
gewoon
Ik ben de plaats, de tijd en de ruimte.
Den Haag 1963
Geen opmerkingen:
Een reactie posten